Van: in Manaus naar: Edson Glauber
Op deze dag, rond 15:00 U, begonnen we met de jongerengroep. Deze groep werd door de Maagd gevraagd tijdens een verschijning en zal door Haar geleid worden. Zij zelf is de eigenaar van deze groep, zoals zij zei in een eerdere boodschap:
"Ik wens dat er een groep jongeren wordt gevormd. Ikzelf zal me om hen bekommeren en deze groep leiden. Aan de jongeren die willen deelnemen aan deze groep, zal ik helpen het woord van God te leven, en zal ik ze op weg naar heiligheid vormen door hun beter leren kennen de liefde van God."
Alle jongeren die zich door Mij laten vormen en geleiden door Mijn handen, zal Ik met Me nemen naar het Paradijs. Door deze groepen zal veel jongeren de weg naar heiligheid vinden, zichzelf heiligen en Gods liefde in diepgang leven."
Tijdens de groep geeft Onze Lieve Vrouw ons richting over hoe we verenigd met God moeten leven. Zij vertelt ons welke lezing wij moeten lezen en mediteren; zij laat ons beter kennenleren en helpt ons om de moeilijkheden en beproevingen te overwinnen die we op onze reis tegenkomen.
Direct na het rozenkransgebed verschenen Jezus en de Maagd, beide gekleed in wit. De eerste die sprak was Jezus:
"Ik ben uw Vrede! Ik geef u mijn vrede!"
Gij werd door Mij geschapen. Ik heb je geschaffen om Mij te aanbidden en te liefhebben, en om Mijn liefde en zegeningen te ontvangen. Ik koos jullie eruit om Mijn liefde en mijn vrede naar uw broeders en zussen te brengen."
Direct daarna zei de Maagd ons:
"Lieve kinderen, voordat jullie het bericht van bekeering aan hun broeders brengen, probeer dan eerst om het in uw leven te leven."
Vandaag ontvangt u speciale genaden. Deze rozen die je ontvangt symboliseren de genade van trouw, die jullie moeten hebben tegenover Jezus." Jezus en de Maagd zeiden samen:
Wij zegenen jullie: in de Naam des Vaders, des Zoons en der Heilige Geest. Amen. Tot ziens!"
Tijdens het verschijnen zag ik Jezus die zeegende zijn handen op de hoofden van de jongeren plaatste en Onze Lieve Vrouw, die met haar vingers het teken des Kruises maakte op ieders voorhoofd.
Twee bijbelse lezingen aangegeven door Jezus werden aan de groep voorgelezen: Filippenzen: 1:27 tot en met 30 - 2:1 tot en met 11 - Mattheus: 22:1 tot en met 4.
Er waren een aantal van 38 jongeren.